Wetenschappers interviewen: doe je liever dom voor dan slim (en 11 andere tips)

interviewen van wetenschappers

Wetenschappers interviewen, het gaat bij mij niet altijd van een leien dakje, ook al ben ik wetenschapsjournalist. Eén keer ben ik  weggestuurd. Ik sprak met een scheikundige en vroeg hem wat gewone mensen aan zijn onderzoek zouden hebben, tot welke uitvindingen zou zijn studie kunnen leiden?

Het gesprek liep al wat stroef en hij werd boos. ‘Ik heb geen zin om over het nut van mijn onderzoek te praten. Het voelt alsof ik me dan moet verdedigen.’

Het was aan het begin van mijn carriere, waarschijnlijk stelde ik de vraag op de verkeerde toon en had ik al meer beginnersfouten gemaakt. Inmiddels heb ik meer dan honderd wetenschappers geïnterviewd voor de Volkskrant, Quest, Nu.nl en KIJK. Bijna altijd waren het leuke en fascinerende gesprekken. In de loop der jaren heb ik veel geleerd. De volgende 12 dingen houd ik bij elk interview in gedachten.

1. Doe je liever dom voor dan slim

‘Dat onderzoek ken je wel, toch?’, of ‘die theorie is je bekend, neem ik aan?’ Dat soort opmerkingen maken wetenschappers vaak als ze iets uitleggen tijdens interviews. Niet om journalisten te pesten, maar omdat ze gewend om over hun vak te spreken met collega’s die evenveel kennis hebben.

Niemand wil graag dom overkomen, dus veel interviewers hebben de neiging om ja te knikken bij dit soort vragen. Doe dat niet, ook al ben je goed op de hoogte. Je zit er niet voor jezelf, maar voor je lezers. Als je ja knikt, onthoud je hen misschien een heldere uitleg, of een leuke anekdote.

2. Je kunt nooit genoeg om voorbeelden vragen

“Kunt u daar een voorbeeld van geven”, het is de vraag die ik waarschijnlijk het vaakst heb gesteld tijdens het interviewen van wetenschappers. Voor een goed artikel heb je details nodig.

Stel, een historicus zegt: ’18e-eeuwse koopmannen droegen prachtige kleren.’ Dat klinkt best goed, maar toch heb je voorbeelden nodig. Hoe zagen die kleren eruit? Van welke stoffen waren ze gemaakt? Hoe werden ze gedragen? Kortom: je moet de geïnterviewde dwingen om voorbeelden te geven van de kleding.

Schroom niet om meerdere keren achter elkaar om voorbeelden te vragen. Verschilde de kleding bij mannen en vrouwen? Welke kleuren waren in de mode? Elke keer dat je het doet, dwing je de onderzoeker om concreter te worden. Totdat je alle details hebt voor een goed verhaal.

3.  Kruip tijdens het interviewen even in de huid van je 8-jarige neefje

Als André Kuipers wordt geïnterviewd door kinderen, krijgt hij altijd de vraag ‘hoe plas je in de ruimte?’ Wees tijdens een interview niet bang om ook één of twee van die kinderachtige vragen te stellen. Diep van binnen zijn we allemaal – ook je lezers – nog 8-jarigen.

Natuurlijk is dit lastig. Wetenschappers willen serieus genomen worden en inhoudelijk praten over hun onderzoek. Maar het is ook belangrijk om je lezer een paar keer te laten lachen in je artikel. Doe wat rare gedachten-experimenten met je geïnterviewde.

Vraag aan de sterrenkundige wat er gebeurt als een mens in een zwart gat valt, of aan een paleontoloog of het lekker zou zijn om een stukje dinosaurusvlees te eten.

4.  Stel beeldende vragen

Wetenschappers vertellen soms een abstract verhaal met veel vaktermen. De kunst is dan om daar doorheen te prikken. Het helpt om beeldende vragen te stellen. Hoe heeft u dat onderzoek uitgevoerd? Waar stond u, wat had u in uw handen, welke apparaten gebruikte u? Hoe zien die apparaten eruit? Wat voor geluiden maken ze?

5. Vraag naar emoties

Emoties zijn voor iedereen herkenbaar, ook al beschrijf je onderzoek waarbij wiskundigen drie jaar lang naar getallen op een computerscherm hebben gekeken. Vraag dus naar hun gemoedstoestand. Waar was u toen u op het idee kwam voor dit onderzoek? Wat was het moeilijkste punt in het onderzoek? Wanneer wilde u opgeven? Wanneer dacht u:  nu heb ik beet en wat voor gevoel gaf dat?

6. Herhaal een moeilijke uitleg en vraag om bevestiging, net zo lang totdat je het snapt.

Je zult bij het interviewen ook de diepte in moeten. Als je met iemand spreekt die al tien jaar lang onderzoek doet naar nanodeeltjes of zwarte gaten, is het bijna onmogelijk dat je alles in één keer snapt. Herhaal daarom een ingewikkelde uitleg in je eigen woorden en vraag of je het goed hebt begrepen. Zo test je jezelf alvast en dwing je de wetenschapper eventueel tot een nieuwe, betere uitleg. Desnoods doe je dit drie of vier keer, of vaker.

7. Neem het gesprek op

In elke telefoon zit tegenwoordig een voice-recorder-app. Maak daar gebruik van. Als je over ingewikkelde onderzoeken en theorieën spreekt, is alles wat je hoort nieuw. Tijdens het gesprek denk je misschien: ik snap het. Maar eenmaal thuis kun je je dat ene voorbeeld dat alles duidelijk maakte niet altijd meer herinneren. Aantekeningen maken helpt ook. Maar vooral bij ingewikkelde materie wil je een wetenschapper zo precies mogelijk citeren. Zelf gebruik ik de recorder-app Recordium.

8. Wees niet bang een antwoord af te kappen

Gaat de geïnterviewde te lang door over een oninteressant stofje, of een onbegrijpelijke formule waar jij niet over zult schrijven, leg dan beleefd uit welke invalshoek je verhaal heeft. Blijft hij over iets praten dat niet van belang is, wees dan niet bang hem te onderbreken en een andere vraag te stellen. Hij is de deskundige op zijn vakgebied, jij op dat van jou: schrijven en interviewen.

9. Vraag naar praktische toepassingen: kan het onderzoek van je geïnterviewde dingen in ons dagelijks leven gaan veranderen?

Breng dit voorzichtig. Voor wetenschappers is fundamenteel onderzoek onderzoek. Oftewel: ze houden zich niet bezig met de vraag of de kennis die ze opdoen toepasbaar is Op die manier kunnen ze met een vrije geest aan de slag en komen ze tot de meest verrassende inzichten. Toch is het jouw taak om een brug te slaan tussen de wetenschapper en de lezer. En die laatste wil nu eenmaal weten wat het onderzoek hem uiteindelijk gaat opleveren. Gaat de robotwetenschapper eindelijk de robot bouwen die onze wc kan schoonmaken? Je moet het in ieder geval vragen.

10. Zie het interview ook als een gewoon gesprek, volg je intuïtie

Sla zijpaden in. Vraag door als je interesse wordt gewekt door iets wat de geïnterviewde zegt (ook als die op het eerste gezicht niets met je artikelonderwerp te maken heeft).

Ik interviewde ooit een wetenschapper die de geur van de dood in kaart bracht door dode dieren te onderzoeken in haar laboratorium: van vissen tot vogels, mollen en muizen.

Ze liet terloops vallen dat ze de muis zelf had gevonden. Toen ik haar vroeg waar de andere dode dieren eigenlijk vandaan kwamen, bleek ze de hulp van familie en vrienden te hebben ingeroepen. De vis dreef op een dag dood in de vijver in de tuin van haar ouders. Een vogel was bij een vriendin tegen het raam gevlogen, de mol was door een kennis gevonden in zijn tuin . Die details leverde een vermakelijke alinea op in mijn artikel. Van tevoren had ik de vraag niet op mijn lijstje staan.

11. Regel dat je achteraf nog aanvullende vragen mag mailen

Bij het schrijven van een artikel kijk je vaak weer met een andere blik naar het gesprek dat je hebt gevoerd. Soms schiet je alsnog een briljante vraag te binnen die je destijds niet hebt gesteld. Handig als je de wetenschapper dan nog even snel kunt e-mailen.

12. Stuur het interview voor publicatie naar de geïnterviewde

De meeste wetenschappers zullen je zelf al vragen of ze het interview voor publicatie mogen inzien. Als ze dat niet doen, biedt het dan aan. Onjuistheden en verkeerde citaten zijn namelijk niet alleen voor de geïnterviewde vervelend, ze doen jouw reputatie ook geen goed. Een check voor publicatie heeft alleen maar winnaars.

Lees ook: Hoe pitch je artikelen bij kranten, tijdschriften en nieuwssites?

Wil je meer professionele schrijftips? Schrijf je in voor mijn nieuwsbrief of volg me op Twitter.

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

Ontvang maandelijks de beste schrijftips (gratis)

Verhelder je teksten