Hen of hun? Waarom je snel in de fout gaat met deze verwarrende taalregel

hen of hun

Wanneer schrijf je hen en wanneer schrijf je hun? Ik durf te stellen dat ik de meeste spellingregels goed begrijp. En na tien jaar werkervaring als journalist zou je denken dat ik ook deze taalregel wel onder de knie heb. Maar tot mijn schaamte maak ik bij de keuze voor hen of hun soms nog steeds fouten.

Is het onderscheid tussen hen of hun zo moeilijk, of ben ik gewoon traag van begrip? In deze post deel ik twee taalblunders. Je leest ook waarom de hen/hun-regel langzaam aan het veranderen is en je kunt luisteren naar de Schrijfvis doet iets met taal-podcast over dit onderwerp.

In dit nieuwsbericht over onderzoek naar bijgeloof in de sport ga ik in de fout bij de keuze tussen hen en hun. Ik schrijf:

Zo putten golfers een bal vaker met succes als iemand hen vertelt dat ze met een ‘geluksbal’ spelen.

Hen moet hier hun zijn.

En in dit artikel over mannen die ‘hard to get’ spelen maak ik dezelfde fout:

Soms werd hen verteld dat de man hen bovengemiddeld aantrekkelijk vond. Bij andere profielen kregen ze de melding dat de man hen als gemiddeld 

Ook hier moet hen weer hun zijn.

Het is vreemd dat ik zo veel moeite heb met het onderscheid tussen hen en hun, want ik heb de regel inmiddels zo vaak opgezocht dat ik ‘m kan dromen.

Hen of hun: wat is de regel?

Hen gebruik je als je een lijdend voorwerp wilt aanduiden in een zin. Maar hoe kun je nu zien of iets een lijdend voorwerp is? Een lijdend voorwerp vind je door een vraag te formuleren die bestaat uit ‘wie of wat’ + onderwerp + gezegde. Neem bijvoorbeeld de volgende zin:

Ik maak mensen gelukkig

Wie maak ik gelukkig? De mensen.

De mensen is dus het lijdend voorwerp. Als je dit zinsdeel wilt aanduiden met hen of hun, gebruik je hen.

Ik maak hen gelukkig

Hun gebruik je als je een meewerkend voorwerp aanduidt in een zin. Een meewerkend voorwerp vind je door ‘aan’ wie of ‘voor wie’ te plaatsen voor het onderwerp + gezegde + lijdend voorwerp. Neem de volgende zin:

Ik geef deze mensen een taart

Aan wie geef ik een taart? Aan ‘deze mensen’.

‘Deze mensen’ is dus het meewerkend voorwerp. Als je dit zinsdeel wilt aanduiden met hen of hun gebruik je hun.

Ik geef hun een taart

Goed, ik weet het dus hoe het zit. Maar als ik aan een artikel werk, concentreer ik me vooral op het schrijven: mijn woordkeuze, het ritme van zinnen, de informatie die ik wil overbrengen. Tijdens het schrijfproces staat mijn hoofd niet naar zinsontleding en het opsporen van meewerkende of lijdende voorwerpen. Meestal kies ik op gevoel voor hen of hun. En dat gaat dus wel eens fout.

Hen of hun? De regel verandert

Volgens taalkundige Wouter van Wingerden is dat niet zo gek. Volgens hem is de hen/hun-regel veel te kunstmatig. In zijn boek Maar zo heb ik het geleerd – de waarheid achter 50 taalkwesties (uitgegeven door Van Dale – ja, die van het woordenboek) schrijft hij:

Eén van de moeilijkste taalregels is het verschil tussen hen en hun. Het is een krankzinnige regel, want het Nederlands heeft in geen enkel ander geval verschillende vormen voor lijdend voorwerp (ik heb hen gefeliciteerd) en meewerkend voorwerp (ik heb hun een fles wijn gegeven). Bij andere persoonlijke voornaamwoorden gebruik je in beide gevallen altijd dezelfde vorm, bijvoorbeeld hem, ons of jullie.

Zij hebben ons gefeliciteerd.
Zij hebben ons een fles wijn gegeven.

Van Wingerden stelt in zijn boek zelfs dat de taalregel waarmee je bepaalt of je hen of hun schrijft langzaam aan het veranderen is, omdat het onderscheid veel te lastig is. Veel mensen schrijven tegenwoordig in alle gevallen hen.

Dat komt vooral doordat de meeste mensen hen sowieso mooier vinden dan hun. Het werd ook wel eens tijd om de oude, onmogelijke regel af te danken.

En inderdaad: ook Onze Taal is inmiddels van mening dat je bij hen/hun-kwesties niet langer van fouten hoeft te spreken. Als je het niet weet, kun je gewoon voor hen kiezen.  Misschien waren mijn eerder genoemde taalblunders toch niet zo gênant als ik dacht.

Meer weten? Luister in de mini-podcast hieronder wat Van Wingerden precies heeft te zeggen over de hen/hun-regel.

*Bestel zijn voor taalliefhebbers onmisbare boek hier.

 

Lees ook:

Geen schrijftips missen? Schrijf je in voor mijn nieuwsbrief, net als 5.000 andere taal- en schrijfliefhebbers. Of volg een schrijfcursus bij Schrijfvis.

 

 

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

Ontvang maandelijks de beste schrijftips (gratis)

Verhelder je teksten