Author's Posts

leenwoorden

In een personeelsadvertentie ontdekte ik laatst een bijzonder nieuw leenwoord uit het Engels (tussen een wirwar van andere leenwoorden). Hieronder een kleine bloemlezing uit de oproep van het bedrijf Originals.

Als communicatie consultant tackel je de kern van het probleem van de klant (…) Voor ondernemerschap en drive kunnen we op je rekenen. (…) Jij gaat voor de win-win. Wil jij het verschil maken? Join ons team van originals…uhh professionals.

Het woord ‘join’ klinkt wat mij betreft nogal vergezocht in een Nederlandse tekst, vooral omdat je met gemak minstens drie goede alternatieven kunt bedenken die niet Engelstalig zijn.

Kom ons team van professionals versterken

Kom bij ons werken

Sluit je aan bij ons team van professionals

Het bedrijf heeft ongetwijfeld een goede reden om voor ‘join’ te kiezen. Ik vermoed dat het leenwoord de tekst samen met de andere anglicismen een hippe, internationale uitstraling moet geven. Maar het probleem is dat het een beetje gezocht overkomt – of moet ik zeggen: een beetje try-hard.

Leenwoorden

Pochen met leenwoorden gebeurt niet alleen in het Engels, maar ook met uitdrukkingen uit andere talen. Pas ontving ik een e-mail van een redacteur van de VARA-gids. Ze wilde me interviewen over mijn ex-kantoorgenote Rosanne Hertzberger die onlangs te gast was in het programma Zomergasten. (Ze had dit stuk van me gelezen en wilde meer weten over onze haat-liefde-verhouding).

In de e-mail schreef de redacteur. ‘We zijn bezig om wat faits-divers te verzamelen over Rosanne. Daarom zouden we je graag interviewen.’

Je zou in plaats van ‘faits-divers’ ook gewoon wetenswaardigheden kunnen schrijven, maar ‘faits divers’ staat net wat intelligenter, of moet ik zeggen: erudieter.

Leenwoorden vermijden

Leenwoorden uit het Engels, Frans of Duits worden steeds vaker gebruikt om teksten op op te leuken en de schrijver meer aanzien te geven. Maar de lijn tussen een goed gekozen leenwoord en een gezocht exemplaar is dun. Voor rake leenwoorden bestaat eigenlijk geen vergelijkbare uitdrukking in het Nederlands, of in ieder geval geen woord dat de lezer hetzelfde gevoel geeft. Ze maken je tekst begrijpelijk, of voegen iets toe aan de betekenis.

Een zin als ‘Ik ga deze app downloaden‘, kun je bijvoorbeeld nauwelijks vervangen door een volledig Nederlandse zin. (Of je moet van mening zijn dat we het woord app zouden moeten vervangen door ‘toep’)

Gezochte leenwoorden zoals ‘join’ en ‘faits-divers’ gebruik je mijns inziens vooral omdat je graag wilt laten zien dat jij het net even anders doet. En juist doordat de aanwezigheid het leenwoord er zo dik bovenop ligt, loop je het risico dat je tekst iets van zijn kracht verliest.

Hieronder 13 leenwoorden die je volgens mij beter kunt vermijden als tekstschrijver.

Read more

Blog starten

Een blog starten, het is een voornemen dat veel mensen hebben. Maar waar begin je nu precies aan als je gaat bloggen: hoe veel tijd kost het? Kun je er geld mee verdienen? Hoe word je vindbaar in Google? En waar haal je bijvoorbeeld de foto’s vandaan bij je artikelen? Die vragen (en vele andere) worden vaak gesteld door deelnemers aan mijn cursus Bloggen voor meer websitebezoekers en klanten. Hieronder lees je de 33 meest gestelde vragen en mijn antwoorden.

Read more

schrijftechniek

Vorige week kwam ik een interessante schrijftechniek tegen in advertentie van 365 dagen succesvol, een online platform voor zelfontwikkeling. Ik las op Facebook deze wervende tekst voor het jaarprogramma.

Misschien hoor je ‘m wel eens fluisteren: is dit nu alles wat er is? De stem in je hoofd hoor je vaker dan je wilt – en steeds zegt ‘ie precies wat er wringt. Je weet dat er veel méér in jezelf zit dan je eruit haalt. Je bent tot méér in staat dan je nu laat zien. Je weet heel goed dat die stem gelijk heeft.

De advertentie is behoorlijk effectief, want het jaarprogramma van 365 dagen succesvol is al een paar jaar op rij uitverkocht. Waarschijnlijk herkennen veel mensen zich in de advertentie. Dat komt omdat de schrijver gebruik maakt van een bijzondere schrijftechniek die is gebaseerd op een effect uit de psychologie, waarmee je een tekst extra herkenbaar en ‘raak’ kunt laten overkomen op de lezer.

Dit voor tekstschrijvers zeer bruikbare effect werd in 1948 ontdekt door de Amerikaanse psycholoog Bertram Forer.

Read more

out-of-office-reply

Afgelopen zomer plofte deze out-of-office-reply in mijn mailbox.

Tot en met 31 mei ben ik op vakantie! Voor dringende zaken – cavia’s nemen de wereld over, die orde van grootte – ben ik bereikbaar op onderstaand telefoonnummer.

Het was de afwezigheidsnotificatie van mijn Volkskrant-collega Ronald Velthuizen, tot nu toe de enige out-of-office reply die me hardop deed lachen. Het schrijven van een goede afwezigheidsnotificatie lijkt een routineklusje waaraan je niet veel verkeerd kunt doen. Je informeert je lezer simpelweg dat je afwezig bent en noemt de datum waarop je weer terug bent van vakantie.

Out-of-office-reply schrijven

Maar met een goede out-of-office-reply kun je meer bereiken: sympathie en meer rust voor jezelf. Als je bijvoorbeeld schrijft dat mensen je alleen mogen bellen als cavia’s de dienst gaan uitmaken, zullen de meeste mailers tenminste glimlachen én drie keer nadenken voordat ze de telefoon pakken en je uit je vakantiebubbel bellen.

Maar hoe componeer je een sympathieke afwezigheidsmelding? Wat zijn de beste tactieken om jezelf en je lezer een goed gevoel te bezorgen? Zeven tips en voorbeelden van experts.

Read more

scheldwoorden

‘Lillend vogelbekdier’

‘Chocoladesnol!

‘Platgekeesd snotkegelwijf’

Hoe grof mag je zijn als schrijver? Deze week herlas ik het boek Rosie van Stephen King, één van mijn favoriete auteurs. Rosie gaat over een vrouw die op de vlucht is voor haar man Norman, een gewelddadige psychopaat die vastbesloten is haar te vermoorden omdat ze bij hem is weggelopen. Sommige hoofdstukken worden verteld vanuit het perspectief van Norman. Deze cursief gedrukte pagina’s barsten van de scheldwoorden en aanstootgevende taal. Je wordt meegetrokken in de logica van een grofgebekte vrouwenhater.

Niets van dit alles zou die hoeren van het blijf-van-mijn-lijfhuis veel uitmaken, dat wist Norman net zo goed als hij zijn eigen naam kende.

En met een hoer-hoer-hier en een hoer-hoer-daar, dacht Norman, terwijl hij ervoor zorgde dat hij zijn langzame kuierpas aanhield, en ervoor zorgde het huis niet met een lange blik te verzwelgen, maar met kleine hapjes. Hier een hoer, daar een hoer, een hoer-hoer overal. Ja inderdaad. Overal een hoer-hoer.

Kuttenkasteel, recht vooruit!

Scheldwoorden

De vrouwonvriendelijke redeneringen van de hoofdpersoon zijn vaak zo absurd dat het grappig is, maar tegelijkertijd zit er een donker randje aan zijn vuilbekkerij, waardoor het verhaal meer spanning krijgt. Je wordt je als lezer steeds meer bewust van zijn bizarre denkbeelden en het gevaar dat hij vormt voor de hoofpersoon Rosie. Het gevloek en getier van Norman geeft je een inkijkje in de geest van een psychopaat.

Hij had Stamper om dezelfde reden gemold als waarom hij die roodharige hoer in haar lichtbruine hotpants had gewurgd – omdat er iets van de bodem van zijn geest naar boven was gekropen en hem had gedwongen het te doen. Dat ding was daar nu steeds vaker en hij wilde er niet aan denken.

Maar het effect van de grove taal gaat verder dan dat. Door de simplistische en racistische redeneringen, besef je dat er waarschijnlijk in het echte leven ook mensen bestaan zoals Norman. Dat geeft het boek iets onbestemds.

Het grote oude nikkerkreng deed Norman vaag denken aan een rugbyspeler uit Chicago, William Refrigerator Perry. Als je ooit probeert me te slaan schattenbout, gebruik ik je als trampoline, mompelde hij.

Bij het lezen van Rosie, vroeg ik me af: hoe ver kun je eigenlijk gaan als schrijver met aanstootgevende, vrouwonvriendelijke en racistische taal? Zit er een grens aan welke scheldwoorden je in de literatuur mag gebruiken?

Een snelle scan van Nederlandse literatuur leert dat je je als schrijver veel kunt permitteren als het om scheldwoorden gaat. Zo lang het functioneel is voor het verhaal, mag bijna alles. Dat blijkt uit het werk van bijvoorbeeld Harry Mulisch, Simon Vestdijk en Ronald Giphart. Deze schrijvers leggen hun personages net als King af en toe de meest weerzinwekkende teksten in de mond om hun karakter of gemoedstoestand te benadrukken.

Hieronder een overzicht van de 13 grofste scheldpartijen uit de Nederlandse literatuur. De origineelste exemplaren lees je onderaan – ze zijn afkomstig van schrijver Ronald Giphart.

Read more

Een blog beginnen? In deze post leer je hoe je de technische zaken binnen twintig minuten voor elkaar krijgt. Maar eerst: waarom zou je eigenlijk een blog starten?

Als journalist dacht ik lang dat ik niets zou hebben aan een eigen blog. Ik publiceerde wekelijks artikelen in kranten en tijdschriften met tienduizenden lezers, zoals De Volkskrant, Quest en Nu.nl. Met een eigen blog zou ik nooit zo veel belangstelling trekken.

Toch begon ik – puur uit hobby – in 2016 een blog over schrijven, Schrijfvis. En inderdaad, ik trok niet meteen duizenden lezers. Maar het leverde me al in het in eerste jaar verrassend veel op. De lezers die ik had, toonden zich meer betrokken bij mijn verhalen dan lezers van kranten en tijdschriften. Ze reageerden onder de artikelen, vroegen om mijn advies en brachten me op nieuwe ideeën. Sommige lezers werden zelfs klanten.

Wat leverde mijn blog me precies op?

  • Meer verkeer naar mijn professionele website – www.dennisrijnvis.nl
  • Meer opdrachten – mijn opdrachtgevers begonnen mijn blog te lezen, waardoor mijn naam waarschijnlijk in hun achterhoofd bleef zitten.
  • Nieuwe klanten – Onbekenden die mijn blog of de bijbehorende nieuwsbrief lezen benaderen me verrassend vaak voor een opdracht – “door je blog voelt het alsof ik je al ken”.
  • Nieuw werk – door te bloggen over manieren om beter te schrijven, kwam ik op het idee om schrijfcursussen te gaan geven.
  • Meer inkomsten – In mijn eerste jaar verdiende ik ongeveer 5.000 euro bij met cursussen waarvoor veel belangstelling bleek.

Lees hier hoe ik van 80 naar 80.000 lezers ging op mijn blog

Blog beginnen?

Ik zou iedereen die voor zichzelf begint (als ZZP’er of met een eigen bedrijf) aanraden om een blog te starten. Je zet jezelf ermee op de kaart, je boort een oneindig digitaal reservoir van nieuwe klanten aan en je dwingt jezelf te experimenteren en te brainstormen over je vak.

En nee, een blog maken is niet ingewikkeld. Ben je geen whizzkid? Dat is al lang geen reden meer om het starten van je blog uit te stellen. Als je de volgende stappen volgt, heb je binnen 20 minuten je blog gelanceerd.

Read more

ambtelijk taalgebruik

Tot een paar jaar geleden gebruikte ik regelmatig een vorm van ambtelijk taalgebruik in e-mails. Als ik ergens solliciteerde naar een baan of opdracht, begon ik met: ‘Geachte meneer/mevrouw’

Daarmee toon je beleefdheid en respect, zo was me geleerd.  Totdat ik op een dag een reply kreeg van een hoofdredacteur.

‘Wat grappig dat je me aanschrijft met ‘geachte’. Ik dacht dat alleen mensen in de politiek elkaar zo aanspraken: ‘geachte leden van de Staten-Generaal!’

Hij had gelijk. ‘Geachte’ is een onnodig formeel woord. Dat besef je vooral als je zelf zo wordt aangesproken. Als ik ‘Geachte meneer Rijnvis’ wordt genoemd in een mail, voel ik me veel minder op mijn gemak dan wanneer ik gewoon wordt aangesproken met ‘Meneer Rijnvis’ of nog beter, ‘Beste Dennis’

Ambtelijk taalgebruik

Het woord ‘geachte’ is maar het topje van grote ijsberg van ambtelijk taalgebruik in e-mails, artikelen en rapporten. Volgens mij zijn er veel formele woorden, zinnen en uitdrukkingen waarmee je onbedoeld je lezers kunt vervreemden van een tekst.

Zelfs in artikelen voor een breed publiek staan soms termen als ‘edoch’, ‘inzake’ en ‘tevens’ (lees verder voor voorbeelden). Eerlijk gezegd geloof ik niet meer dat ze uit beleefdheid worden gebruikt of uit respect voor de lezer. Onbewust kiezen we volgens mij voor ambtelijk taalgebruik als we zelf respectabel willen overkomen.

We kennen formele woorden als ‘geachte’ en ‘tevens’ uit e-mails van overheidsinstellingen, bedrijven en mensen, die gezag willen uitstralen. Als we ze zelf in onze tekst verwerken doen we stiekem hetzelfde: we hopen dat de lezer onder de indruk raakt.

Maar het gekke is dat ambtelijk taalgebruik vaak averechts werkt en juist weinig effect heeft.

Wanneer heb je voor het laatst iemand in het dagelijks leven aangesproken met ‘geachte’? En gebruik je in een gesprek ooit woorden als ‘doch’ of ‘tevens’? De termen zijn voor veel mensen onbekend en staan ver van hun bed: ze voelen zich er niet door aangesproken.

Kortom: als je voor een algemeen publiek wilt schrijven, komt een tekst met veel ambtelijk taalgebruik minder krachtig over. Je schept er afstand mee. Oordeel zelf, welke tekst is aansprekender?

Gaarne vernemen wij in uw schrijven wanneer uw aanvangt met uw werkzaamheden

of

Graag horen wij wanneer u met het werk begint

Nu is bovenstaande voorbeeld misschien wat overdreven, maar er zijn veel kleine formele uitdrukkingen die bij iedereen in de tekst sluipen – omdat je het zo geleerd hebt, uit gewoonte, of omdat je stiekem indruk wilt maken.

Hieronder 13 voorbeelden uit kranten, tijdschriften en mijn eigen werk.

Read more

boek schrijven

Een boek schrijven kan een lijdensweg zijn. In het begin van 2014 werkte ik aan een thriller met als werktitel Eeuwig Leven. Het boek zou zeker in de winkel komen te liggen, ik had namelijk al een contract bij uitgeverij Cargo (Bezige Bij). Op mijn bankrekening stond zelfs al een flink voorschot.

Maar er was een probleem, ik worstelde met het schrijfproces en de druk. Het verhaal kreeg maar langzaam vorm, de eenzame uren achter de computer maakten me ongelukkig en het voorschot zorgde ervoor dat het schrijven voelde als een verplichting. In mei 2014 nam ik een rigoureuze beslissing. Ik stortte het geld terug en staakte mijn boekproject.

Boek schrijven – 23 tips

Een boek schrijven kan ook een geweldige ervaring zijn. In 2013 debuteerde ik bij De Bezige Bij/Cargo met de spannende roman Savelsbos. Ik presenteerde het boek voor een volle zaal vrienden en familie in Rotterdam, werd genomineerd voor de schaduwprijs en won de tweede prijs in de Crimezone Debuutawards.

Waarom slaagde het schrijfproces de eerste keer wel, maar lukte het me de tweede keer niet om het boek af te ronden? Het had vooral te maken met psychologie. Een boek schrijven is een kwestie van jezelf motiveren, deadlines stellen, kritisch kijken naar je eigen werk, maar toch ook weer niet té kritisch. Hieronder geef ik 23 tips, opgedaan in de valkuilen waar ik zelf ben ingevallen tijdens het schrijven.

Ga je een boek schrijven? Als je deze lijst adviezen in je achterhoofd houdt, is de kans groter dat jouw boekproject niet strandt en dat je binnenkort net als ik je debuut presenteert op een boekpresentatie met familie en vrienden.

Read more

In deze blog lees je een interview met een in auteursrecht gespecialiseerde jurist die al haar klanten binnenhaalt door bloggen. Maar eerst vertel ik hoe ik bij haar terechtkwam: ik bond de strijd aan met een dubbelganger  op het internet.

Toen ik me verveelde op Google en mijn eigen naam intypte, kwam ik terecht op de auteurspagina van een andere Dennis Rijnvis. Hij bleek ook journalist te zijn. Zijn artikelen verschenen op Vrijheid in de Zorg, een nieuwssite waar ik nog nooit van had gehoord. Toen ik zijn artikelen las, bekroop me een vreemd gevoel. De titels kwamen me bekend voor. Ik had deze stukken zelf gepubliceerd op nu.nl. Kortom: de Dennis Rijnvis van Vrijheid in de Zorg was geen naamgenoot, ik was het zelf. De nieuwssite met ‘nieuws en weetjes over zorg’, had zonder dat ik het wist verschillende publicaties van mijn hand letterlijk gekopieerd, zonder toestemming te vragen. Kortom: mijn auteursrecht was geschonden.
In eerste instantie was ik vooral verrast, maar al snel werd ik kwaad. Waar haalden ze het lef vandaan? En wat kun je hier als blogger aan doen?

Read more

over-mij-pagina

Ik barstte van het zelfvertrouwen toen ik vorig jaar voor het eerst een over-mij-pagina opstelde voor een blogje over praatjes maken dat inmiddels alweer offline is. Met tien jaar ervaring als schrijvend journalist op zak, zou ik dat introductietekstje wel even uit mijn mouw schudden. Maar toen ik een vriend een dag later een eerste blik op het tekstje gunde, haakte hij na de eerste alinea al af. ‘Het onderwerp van het blog is leuk, maar je moet jezelf op een andere manier voorstellen’, zei hij. ‘Ik haak na twee zinnen al.’

Over-mij-pagina

Hij had gelijk: ik had een risicoloos en wat slaapverwekkend introductietekstje geschreven.

Mijn naam is Dennis Rijnvis. Ik ben wetenschapsjournalist voor De Volkskrant, Quest, Psychologie Magazine en Nu.nl. Op dit blog schrijf ik over de psychologie van praatjes maken en sociale interactie. Hoe maak je een goede eerste indruk tijdens een sollicitatiegesprek? Wat zeg je tegen die leuke man of vrouw in de kroeg? En waarom maken we na ons dertigste minder nieuwe vrienden?

Het probleem van deze over-mij-pagina is de traditionele opbouw. Ik begin bij het begin, heel traditioneel. Eerst vertel ik wie ik ben, wat ik in het dagelijks leven doe, daarna zet ik kort uiteen waar mijn blog over gaat.

Dat voelt heel natuurlijk, in het dagelijks leven doen we dit constant als we onszelf voorstellen. Maar het effect is niet bepaald meeslepend. Denk aan al die verjaardagsfeestjes waarbij je plichtmatig luistert naar een onbekenden die vertellen waar ze vandaan komen, wat voor werk ze doen. Om dit voorspelbare patroon van verhalen vertellen te doorbreken, beginnen goede schrijvers hun verhalen vaak in het midden. Deze techniek wordt ook wel ‘in media res’ genoemd, Latijns voor ‘in het midden van zaken’.

De schrijver sleurt zijn lezers meteen mee naar een spannende of veelzeggende scene in het boek of artikel. Pas daarna wordt verteld het hoe verhaal is begonnen en waar het heengaat. Op die manier houd je de lezer een lekkere kluif voor: lees door en je krijgt meer van dit soort spanning en actie.

Hieronder lees je drie bekende voorbeelden van ‘in media res’ uit de literatuur, daarna vertel ik hoe je de techniek kan gebruiken om jezelf voor te stellen, bijvoorbeeld op de over-mij-pagina van je blog.

Read more